TRAVEL vs tourism

TRAVEL: THE UNKNOWN.

Tourism: the predictable.

TRAVEL: WHERE OTHERS DON’T GO.

Tourism: the beaten track.

TRAVEL: IN DEPTH.

Tourism: superficial.

TRAVELLERS THINK UP THEIR OWN ORIGINAL TRIP.

Tourists take their second-hand routes and destinations from guidebooks and tour operators.

TRAVEL IS BASED ON AN IDEA. LIKE FOLLOWING A SPECIFIC ROAD OR RIVER. OR REACHING SOME REMOTE PLACE. OR ZOOMING IN WITH AN ETHNIC OR HISTORICAL LENS. OR JUST MOVING ON RANDOMLY, THAT’S AN IDEA TOO.

Tourism makes no such sense. It combines a couple of ‘things to see’ that have nothing in common other than maybe being located in the same country.

TRAVELLERS ARE CONTENT JUST TO SEE WHAT IT’S LIKE SOMEWHERE ELSE.

Tourists need ‘sigths’.

REIZEN versus toerisme

REIZEN: HET ONBEKENDE.

Toerisme: het voorspelbare.

REIZEN: WAAR ANDEREN NIET HEEN GAAN.

Toerisme: het platgetreden pad.

REIZEN: ONDERDOMPELING.

Toerisme: oppervlakkig.

REIZIGERS BEDENKEN HUN EIGEN ORIGINELE REIS.

Toeristen laten zich hun tweedehands routes voorkauwen door reisgidsen en touroperators.

EEN REIS IS GEBASEERD OP EEN IDEE. ZOALS EEN BEPAALDE WEG OF RIVIER VOLGEN. OF EEN AFGELEGEN PLEK BEREIKEN. OF INZOOMEN MET EEN HISTORISCHE OF ETNISCHE LENS. OF ZOMAAR WILLEKEURIG ROND TREKKEN, DAT IS OOK EEN IDEE.

Een toeristisch parcours heeft zo’n plan niet. Het combineert wat ‘bezienswaardigheden’ die niets met elkaar gemeen hebben dan dat ze misschien in hetzelfde land liggen.

VOOR REIZIGERS IS HET GENOEG TE ZIEN HOE HET ERGENS ANDERS IS.

Toeristen hebben ‘bezienswaardigheden’ nodig.

Paspoortstempel

Paginagrote visumstempels krijg je tegenwoordig niet meer – niet in Oost-Azië in ieder geval. Er worden nu stickers in je paspoort geplakt. Toch leuk dat in Laos de visumverlengingen nog als stempel worden uitgegeven. Nostalgie…

Het was het extra bezoek aan de Immigratiedienst waard. ‘Mijn baas heeft een vergadering buiten de deur’, zei de mevrouw achter het loket over de beambte die over mijn verlenging ging, toen ik mijn paspoort op het vastgestelde tijdstip af kwam halen. ‘Kun je later terug komen?’

Not so far from each other: the sources of the Yangtse, Yellow River and Mekong

Three of Asia’s longest rivers, the Yangtse (6,300 km), Yellow River (5,500 km) and Mekong (4,900 km) all have their source in China’s Qinghai province, at the northern part of the Tibetan plateau.

Seems like a remarkable fact. But rivers that start furthest inland and at this highest plateau don’t have much choice but to become the longest on their way to the sea.

Besides all three come from Yushu prefecture (the administrative unit below provincial level). And two of them, the Yangtse and Mekong, even come from the same county of Zaduo (the administrative unit below prefectural level).

This if you accept the length of a river’s longest tributary as the criterion to determine a river’s source.

Introduction of satellite measurements has made establishment of river lengths more easy and more reliable. It has led to the ‘relocation’ of the source of all three rivers. The Dang Qu turns out to be a longer tributary of the Yangtse than the Tuotuo He so that its source, traditionally at Geladandong west of Yushu, moves to Zaduo county. The Kari Qu turns out to be longer than the Yueguzong Qu, shifting the Yellow River’s source to the territory of Yushu. The disagreement about the Mekong’s source doesn’t matter in this respect: it will remain in Zaduo county, whatever the outcome.

Vrij dicht bij elkaar: de oorsprong van de Yangtse, Gele Rivier en Mekong

Drie van Azië’s langste rivieren, de Yangtse (6.300km), Gele Rivier (5.500 km) en Mekong (4.900 km), hebben hun bron allemaal in de Chinese provincie Qinghai, op het noordelijke deel van de Tibetaanse hoogvlakte.

Lijkt een opmerkelijk gegeven. Maar rivieren die in dit verste binnenland en op dit hoogste plateau ontspringen hebben niet veel andere keus dan onderweg naar zee de langste te worden.

Ze komen bovendien alle drie uit de prefectuur Yushu (de administratieve eenheid onder provincie niveau). En twee van hen, de Yangtse en de Mekong, komen zelfs beide uit de county Zaduo (de administratieve eenheid onder prefectuur niveau).

Dit als je de lengte van de langste tak van een rivier als criterium neemt om te bepalen wat zijn bron is.

De introductie van satelliet metingen heeft vaststelling van rivierlengtes eenvoudiger en betrouwbaarder gemaakt. Het heeft geleid tot de ‘verplaatsing’ van de bron van alle drie de rivieren. De Dang Qu blijkt een langere arm van de Yangtse dan de Tuotuo He waardoor zijn bron, traditioneel bij Geladandong ten westen van Yushu, nu in Zaduo county komt te liggen. De Kari Qu blijkt langer dan de Yueguzong Qu waardoor de bron van de Gele Rivier naar het grondgebied van Yushu verschuift. De onenigheid over de oorsprong van de Mekong zal wat dit betreft niet uitmaken: de bron blijft in alle gevallen in Zaduo county.

What’s a river source?

Easy question, right? You’d expect a straightforward answer. But there isn’t.

One who wants to get to the source of a river will instinctively look for the spot that is furthest away from the sea. On a map his finger starts at the mouth and traces the river upstream. He ignores smaller tributaries, at every junction he follows the longest branch. The head of the final branch where he ends up this way, that is his river source.

But some take a different view. Take as an example the dispute on the source of the Mekong that has been going on for the past 15 years. It centers on the two branches of the river that are furthest upstream. Some concerned think that not only their length should be considered to decide which is the source of the Mekong. They argue that their water discharge and the surface area of their basin, among others, should also be taken into account to determine the Mekong’s ‘true’ source. Someone has pointed out that the longest of the two branches meanders a lot, reason why in fact the shortest should maybe be taken more seriously: if it discharges more water more quickly its more forceful stream will prevent it from meandering. The argument has almost been turned upside down: in fact because the one branch is the longest (by way of its meandering) it should nót be assigned as the source.

The outcome of this discussion will bring us what is called the ‘scientific’ source of the river.

Most countries have a geographical or scientific institute that deals with these matters. It is up to that organisation to proclaim A source to be The source. China has two of these institutes.

All of this quite apart from the beliefs of local people. They have been living in a source area for centuries and as long as can be remembered they regard (often: venerate, or even worship) a specific pool, well or beginning stream as the source of the river. The scientists’ criteria are irrelevant to them.

Scientists call this the ‘spiritual’ source.

So whoever wants to get to a river’s source can choose whose lead to follow. The rationally disposed can go along with the scientists, those that feel bureaucrats matter can adhere to the decisions of officialdom, the spiritually inclined can stick with the indigeneous population of the source area.

Het WK van 2014

Het duurt nog bijna drie jaar voor het eindtoernooi in Brazilië begint. Maar het voetbal WK van 2014 is begonnen. In Azië is in voorrondes van voorrondes voor een hoop landen het doek al gevallen.

Nepal werd uitgeschakeld. Thuis werd het 1-1 tegen Jordanië maar in Amman ging er iets mis: 9-0. Ik stuurde een meelevend berichtje naar vrienden in Kathmandu.

Laos ligt eruit. Cambodja werd nog verslagen, maar van China werd over twee wedstrijden met 13-3 verloren. Ik stuurde een meelevend berichtje naar vrienden in Luang Phrabang. Was het omgekeerd geweest dan had ik mijn Chinese vrienden uitgelachen.

Syrië is gediskwalificeerd. Niet omdat er een rare man aan de macht is die zijn eigen volk dood laat schieten, maar omdat in beide wedstrijden tegen Tadzjikistan een speler werd opgesteld die ooit voor Zweden uitkwam. De FIFA veranderde de Syrische overwinningen in reglementaire 3-0 nederlagen. Die van Tadzjikistan zullen het wel meteen door gehad hebben. Maar ze zeiden niets, ze dachten: als ze erachter komen staat hij de volgende keer niet in het veld en verliezen we misschien met 4-0. We zeggen niks, dan stellen ze num de volgende keer weer op.

Onder de andere slachtoffers Macao, Maleisië, Maldiven, Mongolië, Myanmar. Van de 43 Aziatische landen die zich inschreven is voor 23 het WK al voorbij.

China probeert het nu in een groep die voorafgaat aan nog een groep. Van Singapore werd in mijn thuisstad Kunming gewonnen. Er worden hier vaker interlands gespeeld. Het zal te maken hebben met de ligging op 1.900 meter boven zeeniveau – een voordeel als de tegenpartij er niet aan gewend is.

Van Jordanië werd verloren. Het kan nog beide kanten op.

Tijdens de enige succesvolle kwalificatiecampagne van China voor een eindronde, in 2002, was ik overtuigd supporter. Niemand gaf China kans, en je moet altijd voor de underdog zijn. Tegenwoordig is China op bijna geen enkel terrein meer underdog. Mocht het mislukken – ach, het lijkt me wel wat, leedvermaak.

http://www.fifa.com/worldcup/preliminaries/asia/standings/index.html

Naschrift

3 oktober 2012, vlucht MU5711, Kunming-Beijing

Een groepje jonge mannen in donkere maar vlotte pakken houdt zich afzijdig bij de gate. Ze gaan als laatsten de slurf in. Ik schuif met ze mee. Speldjes met de Noord-Koreaanse vlag of de Noord-Koreaanse leider op hun colberts. Merkjes van hun Duitse sponsor aan hun handbagage.

Het is het nationale voetbalelftal, op de terugweg na een trainingskamp op hoogte in de aanloop naar hun kwalificatiewedstrijd tegen Oezbekistan. ‘Erg sterk’, zegt de official die naar de voorgrond komt als ik probeer een praatje te beginnen. Het stelt hem blijkbaar niet gerust dat er in zijn huidige selectie zeven spelers zitten die vorig jaar het WK in Zuid-Afrika meemaakten.

Ik stel me het Nederlands elftal drukker en lawaaieriger voor dan deze ingetogen jongens, en in de weer met iPhones en earphones. Niet dat er een kans is dat ik daarmee ooit ook samen in de economy class van een lijnvlucht zal zitten.

Als ik halverwege de vlucht naar het toilet achterin loop zijn de meesten ingedut. Wie wakker is lijkt zich te vervelen.

Bij de bagageband in Beijing dolt de op het oog oudste official met de op het oog jongste speler die er verlegen bij lacht. De rest lacht ook.

Anoniem verdwijnen ze tussen de massa passagiers.

The FIFA World Cup 2014

The finals in Brazil are still almost three years away. But the soccer World Cup of 2014 has started. In Asia in preliminaries of preliminaries many countries have been eliminated already.

Nepal didn’t make it. They drew 1-1 at home against Jordan but something went wrong in Amman: 9-0. I sent a somewhat compassionate message to friends in Kathmandu.

Laos is out too. They first beat Cambodia, but then lost to China: 13-3 on aggregate. I sent a somewhat compassionate message to friends in Luang Phrabang. Had it been the other way around, I would have laughed at my Chinese friends.

Syria was disqualified. Not because a strange man holds power there who kills his own people, but because in both matches against Tajikistan they fielded a player who once played for Sweden. FIFA, as its rule book stipulates, turned both Syrian victories in 3-0 defeats. I suppose those of Tajikistan knew right away. But they didn’t say anything, they figured: if they find out, he will not play next match and we may lose 4-0. We better say nothing, and they will field him again next match.

Among the other victims Macau, Malaysia, Maldives, Mongolia, Myanmar. For 23 of 43 Asian nations that entered the competition the World Cup is already over.

China is now trying in a group that precedes yet another group. They beat Singapore in my city of Kunming. International matches are played here sometimes. It will have something to do with the city’s location at 1.900 metres above sea level – an advantage if the opposition is not used to it. They then lost to Jordan. Things can still go both ways.

During China’s only successful campaign to reach the main tournament in 2002 I was a loyal supporter. Few believed they stood a chance, and I rooted for the underdog. These days China is an underdog in hardly any field anymore. If they fail – well, I kind of look forward to some malicious delight.

http://www.fifa.com/worldcup/preliminaries/asia/standings/index.html

Postscript

October 3rd 2012, flight MU5711, Kunming-Beijing

A group of young men in neat dark suits is standing apart near the gate. Curious, I move up to them. Buttons with the North Korean flag or the North Korean leader on their jackets, small labels of their German sponsor on their cabin baggage.

It is the national football team, on their way back from training at altitude in Yunnan ahead of their WC qualifier against Uzbekistan. ‘Very strong’, the official says when I try to strike up a conversation. Apparently he isn’t reassured by the fact that seven players in their current squad played in last year’s World Cup in South Africa.

I imagine the Dutch national team to be noisier than these calm and modest guys, and busy with iPhones and earphones. Not that there is any chance I‘ll ever be on a scheduled flight and in economy class with them.

Halfway through the flight I walk to the toilet in the back. Most have dozed off. Those awake seem bored. 

Waiting at the luggage belt in Beijing the seemingly oldest official is bantering with the seemingly youngest player. A shy smile. The others are laughing.

Anonymously they disappear in the passenger crowd.